Taalniveaus A1 tot C2: wat betekenen ze?
1 november 2026

Bij een taalcursus zie je vaak codes als A2 of B1. Die komen uit het Europees Referentiekader (ERK, in het Engels CEFR). Zo kun je overal in Europa je niveau vergelijken.
De zes niveaus
| Niveau | Naam | Wat kun je? |
|---|---|---|
| A1 | Beginner | Jezelf voorstellen, simpele vragen stellen en beantwoorden. |
| A2 | Basis | Boodschappen doen, de weg vragen, over je dag vertellen. |
| B1 | Gemiddeld | Je redden op reis, een eenvoudig gesprek voeren, korte teksten schrijven. |
| B2 | Gevorderd | Vlot praten over veel onderwerpen, het nieuws volgen. |
| C1 | Vaardig | De taal goed gebruiken op je werk of bij een studie. |
| C2 | Bijna moedertaal | Alles begrijpen en jezelf precies uitdrukken. |
Welk niveau heb je nodig?
- Vakantie: A2 is vaak genoeg.
- Inburgering in Nederland: voor veel mensen is B1 het doel. Lees meer over Nederlands leren en inburgering.
- Werk in een andere taal: meestal B2 of hoger.
- Studie aan een universiteit: vaak B2 of C1.
Hoe weet je je niveau?
Bij de meeste taalscholen doe je eerst een korte toets of een intakegesprek. Daarna kom je in een groep die bij je past. Ben je helemaal nieuw, dan begin je bij A1.
Van niveau naar niveau
Elk niveau kost meer tijd dan het vorige. Van A1 naar A2 gaat vrij snel. Van B2 naar C1 duurt veel langer. Dat is normaal: je leert dan vooral nuance en moeilijke woorden.
Zoek een taalschool die cursussen per niveau aanbiedt, bijvoorbeeld voor Engels, Spaans of Nederlands (NT2).